Volg ons:
Volg ons op facebook
Ik wil naar Nederland
Aanmelden
nieuwsbrief


Email:

Geletterdheid en begrijpend lezen

In de GBL wordt gemeten in hoeverre je het Latijnse schrift beheerst en geschreven Nederlands kunt lezen en begrijpen. Het examenonderdeel bevat in totaal 55 items.

De GBL bestaat uit 5 delen:
  1. Woordrijen oplezen. Je ziet in het toetsboekje vier rijen woorden en wordt gevraagd deze rijen hardop te lezen. De rijen bestaan uit acht woorden. Voorbeeld: en, de, ook, bal, wil, zee, ham, boom.
  2. Zinnen oplezen. Je ziet in het toetsboekje acht zinnen en wordt gevraagd deze hardop te lezen. De zinnen variëren in lengte tussen de 6 en 11 woorden. Voorbeeld: Mijn zoon is een lieve jongen.
  3. Teksten oplezen. Je ziet in het toetsboekje drie korte teksten en wordt gevraagd deze hardop te lezen. De teksten variëren in lengte tussen de 40 en 50 woorden. Een voorbeeld: Tamar gaat naar de tandarts. Zij heeft pijn aan haar kies. Tamar is bang voor de tandarts. De tandarts kijkt in haar mond. Tamar heeft gelukkig alleen maar een gaatje. Ze is blij als de tandarts klaar is. Ze heeft nu geen pijn meer. Zinnen oplezen en aanvullen. Je ziet in het toetsboekje 28 onvolledige items met elk drie mogelijkheden voor aanvulling. Je wordt gevraagd de zinnen hardop te lezen en uit de drie gegeven alternatieven het juiste woord te kiezen om de zin af te maken. Een item kan bestaan uit één of twee zinnen en bevat tussen de 7 en 23 woorden (inclusief de drie antwoordmogelijkheden). Voorbeeld: Het is mooi weer. De zon . . . (loopt, regent, schijnt)
  4. Vragen bij teksten beantwoorden. Je ziet in het toetsboekje drie korte teksten met vier korte vragen per tekst en wordt gevraagd tekst en vragen stil te lezen. De teksten variëren in lengte tussen de 52 en 84 woorden. Vervolgens hoor je de vragen en reageer je met een enkel woord of een kort zinnetje. Voorbeeld: Mevrouw Jansen wacht samen met mevrouw Bol op de bus naar de stad. Er is vandaag markt in de stad. Elke week gaan mevrouw Jansen en mevrouw Bol samen naar de markt. Wat gaan ze vandaag kopen? Niets. Ze gaan naar de markt, omdat het leuk is. Dat doen ze elke woensdag. Vragen: a) Op welke dag gaat mevrouw Jansen naar de stad? b) Hoe gaat mevrouw Jansen naar de stad? c) Met wie gaat mevrouw Jansen naar de stad?

Hoe maak ik het examen?

Bij de afname van het examen krijg je een toetsboekje met opgaven en instructies. Je mag op het toetsboekje aantekeningen maken, maar deze tellen niet mee in de beoordeling. Alleen de mondelinge antwoorden tellen voor de uitslag.

Hoelang duurt het examen?

Het examenonderdeel GBL duurt ongeveer 25 minuten.

Wanneer ben ik geslaagd?

De totaalscores voor het examenonderdeel leesvaardigheid worden gerelateerd aan het Europees Raamwerk voor moderne Talen. Om een voldoende te halen moet je een score halen die aantoont dat je een minimaal leesvaardigheidsniveau hebt van A1. Je kunt minimaal 10 en maximaal 35 punten halen. Je bent geslaagd als je 26 punten of meer haalt.



Gratis voorbeeldexamens

Hieronder staan twee gratis voorbeeldexamens voor de Toets Geletterdheid en Begrijpend Lezen.
Deze voorbeeldexamens zijn gemaakt na langdurige studie van toetsen GBL en na onderzoek onder onze cursisten.

Bij deze voorbeeldexamen kun je zien wat er bij het examen wordt gevraagd. Ook kun je zien hoe je het examen moet doen. Het niveau van de voorbeeldexamens zijn gelijk aan het werkelijke examen.
Succes!

Download hier voorbeeldexamen 1

Download hier voorbeeldexamen 2